Wijzigingen in het arbeidsrecht en het sociaal zekerheidsrecht per 1 januari 2026


Door mr. A.C.F. (Fabian) Berkhof

Met ingang van 1 januari 2026 verandert er een aantal zaken die betrekking hebben op het arbeidsrecht en sociaal recht. Hieronder treft u puntsgewijs een overzicht van een aantal van die veranderingen aan:

1. Strengere handhaving schijnzelfstandigheid

Vanaf 2026 gaat de Belastingdienst actiever handhaven op de aanwezigheid van schijnzelfstandigheid. ZZP’ers en opdrachtgevers let dus op en wees alert! De overgangsperiode is voorbij. Bij schijnzelfstandigheid kunnen nu correcties, naheffingen én boetes worden opgelegd.

2. Minimumloon en minimumjeugdloon omhoog

Vanaf 1 januari 2026 stijgt het wettelijk minimumuurloon voor werknemers van 21 jaar en ouder naar € 14,71 bruto per uur. Ook de minimumlonen voor jongere werknemers worden aangepast.

3. Thuiswerkvergoeding en reiskosten

De onbelaste thuiswerkvergoeding zal opnieuw worden geïndexeerd en naar verwachting uitkomen op € 2,45 per dag. De maximale onbelaste reiskostenvergoeding blijft € 0,23 per kilometer. Per dag mag of reiskostenvergoeding of een thuiswerkvergoeding worden uitgekeerd.

4. Loonkostenvoordeel oudere werknemers

Het loonkostenvoordeel voor oudere werknemers (56+) wordt per 1 januari 2026 afgeschaft voor dienstverbanden die zijn gestart op of na 1 januari 2024. Voor bestaande dienstverbanden blijft het loonkostenvoordeel gelden.

5. Nieuwe cao uitzendkrachten (gelijke beloning)

Vanaf 1 januari 2026 geldt er voorts een nieuwe cao voor uitzendkrachten. Zij krijgen recht op arbeidsvoorwaarden die minimaal gelijk zijn aan de arbeidsvoorwaarden van werknemers in een gelijke of vergelijkbare functie bij de inlener.

Wetsvoorstellen

Naast voornoemde veranderingen en wijzigingen zijn er ook een aantal wetsvoorstellen die zijn of worden gelanceerd en betrekking hebben op de volgende onderwerpen:

Wet VBAR (Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden)

Per juli 2025 is het wetsvoorstel VBAR in aangepaste vorm naar de Tweede Kamer gestuurd. De wet VBAR beoogt helder te krijgen wanneer iemand in loondienst is en wanneer iemand als zelfstandige werkt. Daarnaast is een belangrijk doel van de wet schijnzelfstandigheid te voorkomen. Dit komt dus ook terug in de actieve rol die de Belastingdienst krijgt. Het is nog niet bekend wanneer dit in werking treedt, maar het uitgangspunt is één jaar later, dus per juli 2026.

Arbeidsomstandighedenwetgeving: Verplichte gedragscode

Met deze wijziging van de Arbeidsomstandighedenwet wordt het voor werkgevers met meer dan 10 werknemers verplicht om een gedragscode tegen ongewenst gedrag op te stellen. In een duidelijke gedragscode moet de werkgever straks beschrijven welke gedragingen niet (meer) toelaatbaar zijn op en tijdens het werk. Het personeel moet ook voorlichting krijgen over de regels, zodat zij weten waar ze aan toe zijn. Het wetsvoorstel is nog niet naar de Tweede Kamer gestuurd. De beoogde ingangsdatum is 1 juli 2026. Het verdient aanbeveling hier de komende maanden op te anticiperen ongeacht het moment van invoering, omdat de gevolgen van overschrijding allerlei arbeidsrechtelijke consequenties voor de werkgever en de werknemer hebben, althans deze gevolgen hiermee worden beoogd.

Beperking compensatie transitievergoeding na 2 jaar ziekte

Recent is het wetsvoorstel beperking compensatieregeling langdurige arbeidsongeschiktheid met betrekking tot kleine werkgevers naar de Tweede Kamer gestuurd Het wetsvoorstel beperkt de bestaande compensatieregeling tot enkel kleine werkgevers (-25 werknemers). De beoogde ingangsdatum is 1 juli 2026. Omdat er nog veel kritiek is op dit voorstel is het de vraag of het ook daadwerkelijk op de beoogde datum van 1 juli 2026 in werking zal treden.

Richtlijn loontransparantie

De EU-Richtlijn loontransparantie is aangenomen op 10 mei 2023 en trad in werking op 6 juni 2023. Op 1 januari 2027 moet de richtlijn in de Nederlandse wetgeving geïmplementeerd zijn. De richtlijn heeft als doel om de loonkloof tussen werknemers onderling te verkleinen. Werkgevers dienen ongelijkheid te verklaren en te rechtvaardigen.

Wetsvoorstel vereenvoudigen verlofstelsel

De wetgever is voornemens het verlofstelsel te vereenvoudigen. De belangrijkste uitganspunten zijn:

  1. Minder complexiteit.
  2. Drie hoofdcategorieën: zorg voor kinderen, naasten en persoonlijk verlof
  3. Samenwerking met sociale partners.

Het nieuwe stelsel zal in lijn met het SER advies ‘Balans in maatschappelijk verlof’ worden opgesteld. De wetgever is voornemens om in de loop van 2026 het wetsvoorstel naar de Tweede Kamer te sturen. De ingangsdatum staat gepland voor 2028.

Wetsvoorstel meer zekerheid flexwerkers

Het wetsvoorstel meer zekerheid flexwerkers heeft als doel de positie van flexwerkers te beschermen voor wat betreft de inhoud van het werk als inkomen. De wetgever wil dat doen door nul-urencontracten af te schaffen en te vervangen door contracten met een minimumaantal uren. Daardoor worden deze groepen flexwerkers beschermd. Daarnaast komen er ook strengere regels om de draaideurconstructie bij de ketenregeling tegen te gaan. Als laatste wordt ook de uitzendkracht beter beschermd door dit wetsvoorstel: het fasen-systeem gaat op de schop en de uitzendkracht heeft recht op gelijke arbeidsvoorwaarden als medewerkers in vaste dienst bij de inlener. De wet zal deels in juli 2026 en deels per 2017 worden ingevoerd.

Waarom Advocatenkantoor Zeeland?
• Deskundig en persoonlijk
• Betrokken en scherp
• Vertrouwd adres in hartje Zeeland
• Bruggenbouwers van huis uit

De specialisten van Advocatenkantoor Zeeland

Mr. A.C.F. (Fabian) Berkhof
Arbeidsrecht
;
Aansprakelijkheidsrecht
;
Ondernemingsrecht
;
Contractenrecht
;
Mr. J.E. (Aniek) de Glopper
Strafrecht
;
Bestuursrecht
;
Onroerend goed recht
;
Mr. drs. C.G. (Christian) Huijsmans
Huurrecht
;
Burenrecht
;
Bestuursrecht
;
Onroerend goed recht
;
Mr. R.A.A. (Roeland) Maat
Fiscaal recht
;
Erfrecht
;
Strafrecht
;
Mr. N.P.M. (Nicole) Planthof
Personen- en familierecht
;
Mediation
;